Agaattopaasgeelmozaïek TII

Algemene standaardnormen van de topaas: de werking van de topaasfactor komt vooral tot uiting in de reductie van de aanwezige zwarte eumelanine bij de zwart – en de agaatreeks, en een reductie van bruine eumelanine bij de bruinreeks. Typische kenmerken dat de topaas moet vertonen zijn, een geconcentreerde ligging van melanine rond de kleurloze schacht van de veren, dus donker centraal gelegen eumelanine en heldere omzoming. En voor de rest de gevraagde melanine volgens de reeks hij bij behoort. Bij mozaïeken het gevraagde en gekende mozaïek patroon.
Foto: Donkergrijze eumelanine. Kan het nog donkerder? Bezit wangtekening. Tussen de bestreping is de lichtgele (borst-buik) en witte grondkleur zichtbaar. Betekent dit dat de eerste reductiefactor optimaal heeft gewerkt? Ook is er geen phaeomelanine zichtbaar tussen de bestreping. De bevedering lijkt tamelijk lang. Betekent dit dat bij een kortere bevedering de eumelanine nog zwarter en tussen de bestreping de carotenoïde nog meer zichtbaar wordt? Contrasterend mozaïekpatroon. Masker kan nog iets beter afgelijnd en vleugel en staartpennen laten nog iets teveel lipochroom kleur zien en is foutief.

Eigenaar vogel: Vanden Borre Gilbert
Eigenaar foto: De Schinkel Dirk